donderdag 30 april 2026

De familie Russer in Toldijk (Steenderen) van 1736 tot 1841

Als je anno 2026 Toldijk doorkruist via de Zutphen-Emmerikseweg (ZE-weg), passeer je driemaal de naam Russer. Tweemaal prijkt deze op een huis/boerderij (huisnrs. 67 en 69), eenmaal op een straatnaambord, de Russerweg. Daarnaast is de veldnaam De Russer er nog in gebruik.

Een indrukwekkende nalatenschap van een familie die slechts zo’n 100 jaar in Toldijk heeft gewoond: van 1736 tot 1841. Maar niet alleen verdween de familienaam uit Toldijk. Ook in de rest van ons land is deze op z’n retour. Tegenwoordig heet zelfs bijna niemand meer zo. In 1947 zijn er nog slechts 29 naamdragers, in 2007 zeventien. 

Het is Hendrik Russer (1706-1762) die de naam in 1736 naar Toldijk brengt. In 1752 zal zijn broer Waander Russer (1705-1759) volgen. Ze zijn geboren op de Russerplaats in Vierakker, ook wel Russerstede en Röster genoemd. Hun stamvader is Warner op Russerstede. Hij zal rond 1620 geboren zijn. De boerderij lag ca. 100 meter noord van Broekslag, Koekoekstraat 15, Vierakker.

Een stukje Toldijk (bron: Boerderij- en veldnamen in Steenderen, Doetinchem 2009) met de naam Russer omkaderd 























De Russerboerderijen in Toldijk

Het blijkt nog een hele zoektocht om te achterhalen wáár deze familie in Toldijk zoal heeft gewoond. Geregeld duikt in de geschriften daarbij ‘de Hietcole’ op. Met die naam worden op enig moment in Toldijk acht boerderijen aangeduid: zes aan de ZE-weg westzijde en twee aan de Hoogstraat. Vier daarvan blijken een band met de familie Russer te hebben, slechts één wordt soms al met die familienaam aangeduid: Jan Russersplaats (ZE-weg 65). De namen De Russer en De Kleine Russer moeten van latere datum zijn, of werden slechts in de spreektaal gebezigd.

Namen hebben de functie om dingen van elkaar te kunnen onderscheiden, dus wat betreft communicatie lijkt achtmaal Hietcole niet heel handig. Maar vroeger werden zaken meestal plaatselijk afgehandeld, en iedereen kende elkaar. Iedereen wist waar bijvoorbeeld ‘Jan op de Hietcole’ woonde.
Het zal de naam van het gebied zijn geweest. Hiet betekent heide. 


Overzicht van de Hietcoles aan de ZE-weg westzijde anno 1806 (bron: H.W. Rasch, bewerking
Bertus Rietberg) 

Als we echter anno nu willen weten wie bij welke boerderij hoorde, hebben we een probleem. Gelukkig heeft de Steenderense rechter H.W. Rasch in 1806 een overzicht samengesteld van wie eigenaar was van welk pand, en is per 1832 het Kadaster ingesteld. In het vanaf circa 1811 functionerende Bevolkingsregister vinden we vervolgens wie vanaf dan op welk adres woont. Dat biedt ons enigszins houvast, maar we zijn er nog niet.

Hendrik Russer heeft zich immers al ver voor die tijd in Toldijk gevestigd. Gelukkig zijn er voor de betreffende boerderijen ook andere namen in omloop. En met behulp van bewaard gebleven aktes zoals die van nalatenschappen en onroerend goed hebben we per boerderij een lijntje kunnen trekken naar de feiten die we kennen uit begin 19e eeuw. 




Hieronder een overzicht van de Russerboerderijen met alle namen waarmee ze ooit zijn aangeduid, en hun bewoners:

De Russer / Eijbergens Hietcole / Lenneps Hietcole / Hendriks / Hietcole, ZE-weg 67 (gesloopt in 1848, herbouw (pas) in 1933)
Zeer waarschijnlijk heeft Hendrik Russer (1706-1762) na zijn huwelijk in 1736 deze boerderij als pachter betrokken. Meerdere keren wordt ‘Hietcole’ in één adem met zijn naam genoemd. En van de andere Hietcoles kennen we de bewoners, dus...
De tweede naam verwijst naar Ludolph van Eijbergen, de Steenderense rechter die de boerderij in 1707 kocht. Via vererving komt hij begin 1800 in het bezit van ds. W.J. ten Cate, predikant in Ootmarsum. ‘Hendriks’ is de familienaam van een latere bewoner.
Hendrik Russer woont al in Toldijk als hij in 1736 in Steenderen trouwt met de Toldijkse Geesken Garrits Evers. Mogelijk werkte hij ergens als knecht en bleef hangen vanwege deze liefde.
Financieel gaat het hen niet voor de wind. Medio 1754 wordt er zelfs beslag gelegd op hun roerende goederen wegens een belastingschuld. Het gaat om drie gulden en drie stuivers. Dat was meer dan het nu lijkt. Ook in 1755 is het weer raak. En even later eisen twee personen hun aan Hendrik uitgeleende geld terug: in totaal 19 gulden en 10 stuivers plus rente.
Kort na 1757 verhuist het gezin naar Baak. Daar ook is hij in 1762 overleden.

De Russer, ZE-weg 67, Toldijk (eigen foto)






















Van enkele van hun tien kinderen hebben we geen verdere sporen gevonden. In elk geval niet in Toldijk.

1.       Jan Russer (1737-1753)
2.       Jan Russer (1738-1791). Hij trouwt in 1766 in Steenderen met weduwe Liesbeth Everts (+1792). Ze zijn per 1779 eigenaar van boerderij Veldkamp, Dollemansstraat 6 te Baak. Hij laat geen kinderen na.
3.       Garrit Russer (1740-1769) trouwt in 1765 met Jantjen Harmsen uit Steenderen. Ze wonen in Baak. Hij sterft jong, evenals zijn enig kind Hendrik (1765-1784).
4.       Willem Russer (ca. 1742-1789) trouwt in 1777 in Steenderen met Wilmken Bleumink (+1779) en hertrouwt in 1780 in Steenderen met Wilmken Kievekamp (+ vóór 1792) uit Hengelo (Varssel).
In 1780 woont hij op Imhuijsen, Toldijkseweg 26, Steenderen, in 1786 inmiddels in Hengelo (Gld). Zijn kinderen:
        4.a. Hendrik Russer (1778-1781) uit het eerste huwelijk
        4.b. Willem Russer (1781-vóór 1790) uit het tweede
        4.c. Leida/Leijde Russer (1782-na 1790)
        4.d. Hendrik Russer (1786-1869) trouwt in 1813 in Huissen met Joanna Vedder (1786-vóór 1825) uit die plaats. In 1825 hertrouwt hij in Arnhem met de Amsterdamse ontvangersdochter Geertruij Wilhelmina Catharina Rademakers. In 1813 is hij koetsier in Huissen, meteen daarna in Arnhem. Daar is hij in 1825 winkelier. Hij overlijdt in Hengelo (Gld). We vonden van hem alleen twee dochters.
5.    Aaltje Russer (*1743)
6.    Janna Russer (*1745)
7.       Anna Margarita/Anneken Russer (1745-1783) trouwt in 1774 in Steenderen met Steven Wassink(maat). Samen pachten ze boerderij De Kleine Emmer, Emmerweg 7, Steenderen. Na haar dood vertrekt Steven naar Hengelo (Gld).
8.       Grietjen Russer (1748-na 1775)
9.       Arend Russer (1750-1802) trouwt in 1775 in Amsterdam met Mietje Keijser uit die plaats. Ze wonen er eerst op de Prinsengracht, later aan de 2e Looiersdwarsstraat.
10.   Jannes Russer (*1754)
      Hendrik laat daarmee in Toldijk niemand met de achternaam Russer achter.

Het hek naast De Russer, ZE-weg 67, Toldijk (eigen foto)











Wissinkskampjen / Gerrit Sletteringsplaatsjen / Santbult, ZE-weg 10
Dit is de enige Russerboerderij die nooit met Hietcole is aangeduid. In het voorjaar van 1752 strijkt Hendriks broer Waander Russer (1705-1759) hier vanuit Nijmegen neer. Hij heeft de boerderij gekocht/geërfd van zijn schoonvader Garrit Evers.
Waander is 39 jaar oud als hij in december 1744 in Steenderen trouwt met Elsken Garrits Evers (+1767), zus van zijn schoonzuster Geesken. Twee broers getrouwd met twee zussen.
Hij is militair, en op dat moment in Zutphen gelegerd als kwartiermeester in 't Regiment Carabiniers (cavalerie) van brigadier Hooft van Oojen in de compagnie van ct. ritmeester Metelekamp. In die functie ben je belast met het zoeken van geschikte legerplaatsen, en met het toezicht op de levering van levensmiddelen, transportmiddelen en materieel. 

Het paar vestigt zich echter pas in 1752 in Toldijk. Eerst woont het in Zutphen en Nijmegen. Maar daaraan gaat nog iets vooraf.
Waander en Elsken moeten op z’n laatst in juni 1743 verkering hebben gekregen, want die maand heeft Waander haar bezwangerd: dochter Aaltje wordt in maart 1744 in Hengelo (Gld) gedoopt, negen maanden vóór hun huwelijk.
Je kunt je afvragen waarom het paar niet tijdens haar zwangerschap is getrouwd. Dat was immers vrij gebruikelijk. Misschien doordat Waander vanwege zijn soldatenbestaan ver van huis verbleef?
Bij de doop is hij in ieder geval wél aanwezig. Broer Hendrik en schoonzus Geesken zijn de getuigen.
En waarom vindt die doop in Hengelo (Gld) plaats? Een reden kan zijn dat de eigen predikant tijdelijk niet beschikbaar is. Daarvan is echter geen sprake, want in deze periode wordt in Steenderen gewoon gedoopt.
Wat opvalt is dat de tekst van de doopinschrijving totaal niet afwijkt van die van kinderen van gehuwde ouders. Gewoonlijk staat er dan zoiets bij als ‘buiten echt’ of ‘in onecht’ geboren. ‘Echt’ betekent hier ‘huwelijk’, denk aan echtpaar en echtgenoot. Meestal ook wordt de vader in zo’n geval niet genoemd.
Zou Waander naar de kerk in Hengelo (Gld) zijn uitgeweken om schande te voorkomen, en zich daar voorgedaan hebben als zijnde getrouwd? Wist die dominee veel… Bewijsmiddelen als een trouwboekje bestonden waarschijnlijk nog niet. Hij zal voor deze opvallende uitwijk dan wel een aannemelijke smoes gehad moeten hebben…
Of … Elsken is vanwege haar zwangerschap tijdelijk in Hengelo ondergebracht geweest…

Enkele van hun kinderen zijn in Nijmegen gedoopt: een garnizoensstad, net als Zutphen. Daar zullen ze vanwege Waanders beroep hebben gewoond. Zeer kort na de geboorte van zoon Gerret in februari 1752 moet het gezin naar Toldijk zijn verhuisd, want twee maanden later overlijdt daar een dochter.
Waander is dan 47 jaar. Rond die leeftijd gingen soldaten vaak al met pensioen. Misschien daarom dat ze naar Elskens geboortedorp zijn gekomen.
In oktober 1754 is hij inmiddels zóver in zijn nieuwe omgeving ingeburgerd dat hij (eenmalig) dienst doet als gerichtsman. Dat is een vrijwilliger die de plaatselijke professionele rechter assisteert.
Vijf jaar later overlijdt hij, 54 jaar oud.

Waander heeft zijn familienaam steviger in de bodem van Toldijk verankerd dan zijn broer Hendrik. Twee van zijn kinderen zorgen er voor nazaten, ook al kan alleen zoon Jan de naam Russer doorgeven.
1.     Aaltjen Russer (…. 1744-Toldijk 1765) is gedoopt in Hengelo (Gld). Ze trouwt in 1765 in Steenderen met Waander Jansen Heitink (+1796). In het Trouwboek staat als extra: ‘Deze zijn op en voor 't bed getrouwt, wijl de bruid de pokken krieg.’ Ze sterft meteen de volgende dag.
2.       NN Russer (Nijmegen ca.1748-Toldijk 1752)
3.      Jan/Johannes Russer (Nijmegen 1750-Toldijk 1815): zie bij De Grote Russer
4.    Gerret Russer (*Nijmegen 1752)
5.    Garritjen Russer (Toldijk 1754-Steenderen 1826) trouwt in 1777 met weduwnaar Hendrik Jan Hoge Wesselink (1744-1808). Zij trekt bij Hendrik Jan in op Hoge Wesselink, Dr. Ariënsstraat ca. nr. 33, Steenderen (nu een bedrijventerrein).

Na Waanders overlijden in 1759 erft zijn dan 9-jarige zoon
Jan Russer (1750-1815) een deel van het Wissinkskampjen, de rest ervan krijgt hij in 1767 na zijn moeders dood. Jan zal er niet gaan wonen. De boerderij wordt verpacht. Rond 1787 verkoopt hij deze aan zus Garritjen en haar man. Ook zij trekken er niet in. Zij blijven in Steenderen.

Assen Hietcole / Melgersplaatsjen / Reiger, ZE-weg 71
Waanders weduwe Elsken hertrouwt in 1761 later met Hendrik Jansen Reiger (ca. 1710-1781). Ze verhuist dan met haar drie dan nog levende kinderen (16, 10 en 6 jaar oud, zie boven) naar zíjn huis, de Assen Hietcole. Beide dochters krijgen bij die gelegenheid een bed met toebehoren toegezegd, zoon Jan het fijne linnen en de zilveren gespen van zijn vader.
De naam Assen Hietcole duikt vaak in geschriften op. Het naamdeel ‘Assen’ herinnert aan de fam. Assen. Zo is ene Aaltje Assen in 1654 eigenaar, en later ene Frerik Assen. Melgersplaatsjen verwijst naar de latere eigenaar Melger Jansen. Zijn dochter Janna Melgers (+1760) trouwt in 1731 met de al genoemde Hendrik Jansen Reiger. Na Janna’s overlijden hertrouwt hij dus met de weduwe van Waander Russer. Hendrik heeft bij testament bepaald dat de kinderen uit zijn eerste huwelijk later de boerderij zullen erven.
Jan Russer sr is zeventien als in 1767 ook zijn moeder sterft. Hij woont op dit adres van 1761 tot uiterlijk 1776 (zijn eerste huwelijk).

De Grote Russer / Jan Russersplaats / Hietcole, ZE-weg 65 (afgebroken in 1954)
De plaats waar deze boerderij stond, valt eenvoudig te bepalen. In 1788 wordt hij genoemd in de zinsnede ‘aan het einde van de dijk van Jan Russersplaats’ (de vroegere Russerdijk) en in 1795 in ‘de allee van Jan Russer of de Hietcole genaamd’. Zo weten we ook meteen wie er woonde: de eerdergenoemde Jan Russer sr (1750-1815). De boerderij is eigendom van de fam. Schimmelpenninck. Jan is dus pachter.

Handtekening van Jan Russer sr anno 1786 (bron: Tutele Richterambt Steenderen, inv.nr. 798)




De in Nijmegen geboren Jan zal er uiterlijk in 1776 bij zijn huwelijk met Geertruid Weideman (1757-1779) zijn ingetrokken. Zij komt van de Timmerplaats/Hietcole, Hoogstraat 6, Toldijk. Samen krijgen ze een zoon: Willem. Geertruid overlijdt echter al na drie jaar huwelijk, slechts 21 jaar oud.
Vijf maanden na haar dood hertrouwt hij met Johanna Jansen Revelman (1754-1823) uit Bronkhorst.
Voorafgaand aan dat tweede huwelijk wordt er zoals gebruikelijk een inventaris opgemaakt van de bezittingen van Jan en zijn eerste vrouw. Daaruit maken we op dat Jan drie koeien, twee eenwinters, twee kalveren, een paard en negen varkens bezit. In díe tijd een behoorlijk aantal. En verder: een hoge kar, ploeg, eegden (eggen?) en een stortkar; paardengereedschap met ketens en touwen; diverse gereedschappen op de deel, de goot en in de melkkamer; meubels in keuken en kamer; beddengoed; brandhout, vlas, doek en linnen.
De zilveren gespen die Jan 20 jaar eerder van zijn vader erfde, heeft hij nog steeds. Daarnaast bezit hij onder meer een zilveren haak en oog, en het Nieuwe Testament met zilveren klampen. Er liggen ook een paar nog onbetaalde rekeningen, zoals voor ‘het hengsten van twee paarden’, ‘het timmeren van de doodkist’, pacht, en loon voor knecht en meid. 


    Een zilveren gesp uit de 18e eeuw (bron: haffmansantiek.nl)



Bijbel met zilveren klampen uit de 18e eeuw (bron: invaluable.com)



Geleden schade
In maart 1784 wordt Steenderen en omgeving geteisterd door 'een zware overstroming van 's lands rivieren'. Gelukkig zijn er enkele ‘vaderlands- en menslievende inwoners’ die geld inzamelen voor de getroffenen. Ook de overheid springt bij. Iedereen kan zijn ‘verloren beesten of paarden’ melden, en ontvangt geld om nieuw vee te kopen. Ook wordt er hooi uitgedeeld.
Van Jan Russer zijn er bij die gelegenheid drie kalveren omgekomen en drie zakken aardappelen verloren gegaan. Naast geld ontvangt hij 400 eenheden hooi.
In 1794 en 1795 lijdt hij zoals vele anderen schade door - en wordt verplicht te werken voor - de toenmalige Franse bezetter en zijn huurlingenlegers. Zo verzorgt Jan 26 dagen lang ‘spandiensten met kar en paard’ voor de troepen uit de Duitse regio Hessen-Darmstadt, elf dagen voor die uit Hannover, en 4,5 dag voor de Fransen zelf.
Verder wordt hem 300 pond stro en daarnaast hout ‘afgeperst’. Ook moet hij voor de bezetters een peppel (populier) omhakken en vervoeren.
In 1805 is ons land nog steeds bezet. Jan moet dan een dag of drie onderdak verlenen aan een soldaat van het zesde Frans Keizerlijke Huzarenregiment uit Zutphen en zijn paard.

Divers
In 1784 is er een lijst opgemaakt van ‘weerbare mannen’, mannen die opgeroepen kunnen worden om bijvoorbeeld te helpen bij het onderhoud van de wegen. Die moeten steeds in goede staat verkeren opdat het leger zich zo nodig vlot kan verplaatsen. Ook Jan wordt daarop genoemd. Zelfs zijn twee zonen staan erop, al zijn die dan pas 6 en 2 jaar oud. En een kostganger, een jongen van 12.
Vijf keer in zijn leven wordt Jan tot voogd benoemd van (half)wees geworden kinderen.
In 1807 doneert hij middels een collecte drie gulden voor het schilderen van het kerkorgel door fijnschilder IJ. Brandz van Zutphen. Een gemiddeld bedrag.

Jan heeft acht kinderen, de oudste samen met Geertruid, de andere met Johanna.
1.       Willem Russer (1777-1799). Zie bij boerderij Timmerplaats (zie onder)
2.       Geertruida Russer (1780-1836) trouwt in 1813 in Steenderen met haar neef Arend Wesselink (1778-1842), zoon van tante Garritjen Russer. Het paar bezit in 1832 het Wissinkskampjen (zie boven), die nog van haar grootvader Waander Russer is geweest. Zelf wonen ze als pachters op  Arends ouderlijke boerderij: Hoge Wesselink (zie bij Garritjen Russer).
3.       Jan Russer (1782-1841). Zie onder.
4.       Elsken Russer (1785-1785)
5.       Elsken Russer (1786-1867), mijn voormoeder. Ze trouwt in 1810 in Steenderen met Steven Pennekamp (1778-1823). Ze boeren op de Grolsplaats, Hoogstraat 2, Toldijk. Na zijn overlijden hertrouwt Elsken in 1824 in Steenderen met Willem Hogenkamp (1794-1872). In 1832 is de boerderij hun eigendom. Zoon Jan Pennekamp zal in 1846 de pacht van de Grote Russer overnemen van zijn dan inmiddels overleden oom Jan Russer.
6.       Mechelina Russer (1789-1850) huwt in 1817 in Steenderen met Jan Memelink (1785-1858). Zij trekt bij hem in op boerderij In den Bos, ZE-weg 32, Toldijk. Recht tegenover de Grote Russer.
7.       Aaltje Russer (1791-1866) trouwt in 1821 in Steenderen met landbouwer Albert van ’t Schaar (1776-1854) uit Spankeren. Zij wonen op ’t Schaar, Bockhorstweg 10, Spankeren.
8.       Anna Russer (1794-1865) trouwt in 1822 weduwnaar Herman Wesselink (1792-1837), broer van haar zwager Arend. Ze pachten de Roodheuvel, Hoogstraat 21, Toldijk. Anna woont daar ook na haar hertrouwen in 1840 in Steenderen met Gerrit Jan Bloemendaal (1810-1882).

Hieruit volgt dat alleen zoon Jan jr (zie nr. 3 hierboven) de naam Russer in Toldijk in stand zal kunnen houden. Hij is er op dat moment nog de enige mannelijke Russer.

Deze Jan Russer jr neemt de pacht van De Grote Russer over. In 1817 trouwt hij in Steenderen met Johanna Hiddink (1791-1853) uit Baak.
Ze krijgen dertien kinderen, van wie er zes volwassen worden.
1.       Johanna Russer (1818-na 1869). Ze trouwt in 1857 in Zelhem met metselaar, later arbeider, de             weduwnaar Jan Jansen (1806-1869). Hij overlijdt in Zelhem (Winkelshoek).
2.       Berendina Russer (1819-vóór 1821)
3.       Jan Russer (1820-1838)
4.       Berendina Russer (1821-1858). Ze trouwt in 1857 in Steenderen met dagloner Evert Huetink (1830-1867)
5.       Jacobus Lubbartus Russer (1823-1860). Hij trouwt in 1851 in Zelhem met Fredrica Woolschot (1816-1888). Hij is landbouwer in Zelhem (Velswijk).
6.       Elsken Russer (1824-1865). Ze trouwt in 1854 in Steenderen met timmerman Arend Gaijkhorst (1824-1897). Het paar woont in Toldijk.
7.       Willem Russer (1825-1876). Hij trouwt in 1861 in Zelhem met Aaltjen Berkelaar (1831-1907) uit Zelhem. Hij is landbouwer in Spankeren, per 1866 in Eerbeek, en overlijdt in Arnhem als arbeider.
8.       Aaltjen Russer (1827-1827)
9.       Geertruid Russer (1829-1829)
10.   Geertruid Russer (1830-1830)
11.   Jantjen Russer (1831-1833)
12.   Steventjen Russer (1833-1908). Ze trouwt in 1866 in Zelhem met landbouwer Barend Berkelaar (1825-1901), broer van haar schoonzus Aaltjen. Ze wonen in Eerbeek.
13.   Jantjen Russer (1835-1855)

Met Jans dood in 1841 sterft de laatste Russer in Toldijk. Al blijven enkele van zijn kinderen er nog wonen tot hun verhuizing naar Zelhem (Velswijk) in 1846. Tot dat jaar houdt Johanna de boerderij nog draaiende. In Velswijk bestiert ze opnieuw een boerderij.
Neef Jan Pennekamp, zoon van Jans tante Elsken Russer, neemt de pacht over. Acht jaar later zal hij naar Bronkhorst verhuizen.

Dan nog een Russerboerderij waar de familie niet heeft gewoond:

De Timmerplaats / Lubbert Jansenstede / Hietcole, Hoogstraat 6
(Vóór 1700 ook Lenneps Muijsegat en Droge Warnerstede genoemd)
Over de tweede naam: in 1684 is Lubbert Jansen uit Vorden ingetrouwd op de gepachte Timmerplaats, in 1698 koopt hij de boerderij.
Medio 18e eeuw is de Timmerplaats eigendom van de ouders van Geertruid Weideman (1757-1779), de eerste vrouw van Jan Russer sr (1750-1815). Zij sterft al snel, zodat hun zoontje Willem Russer (1777-1799) in 1782 rechtstreeks van zijn oma een tiende deel erft. Jan koopt er ook zelf in 1787 en 1791 delen van. In 1799 erft hij van zijn inmiddels overleden zoon Willem, in 1806 blijkt hij volledig eigenaar.
Volgens het Kadaster anno 1832, zeventien jaar Jans zijn dood, is de boerderij eigendom van ‘de erven Russer’. Kort daarna wordt Jan Russer jr (1782-1841) de enige eigenaar. En weer zes jaar na zíjn dood wordt de boerderij verkocht. De hoeve zal tot 1847 in de (aangetrouwde) familie blijven.
(Zie voor mee info over deze boerderij Blog 34 Over boerderij Timmerplaats...)


Het naambord op De Kleine Russer, ZE-weg 69 (foto: Bertus Rietberg)   











Blijft over boerderij De Kleine Russer:

De Kleine Russer / Hietcole, ZE-weg 69
Wat de naam ook doet vermoeden, we hebben er geen Russer kunnen ontdekken.
Van vóór 1770 tot ten minste 1806 is de boerderij eigendom van de familie Toewater. In 1832 van de Zutphense smid Hendrik Reesink. Later van de familie Aalderink.
Vanaf 1744 (mogelijk al per 1732) hebben we de bewoners kunnen achterhalen. In die rij is geen plek voor Hendrik Russer die dan al enkele jaren in Toldijk woont (zeer waarschijnlijk op De Russer). Al moeten we natuurlijk steeds een slag om de arm houden.
Die oudst ons bekende bewoner is Derk Hendriks van de Hietcole (+1749). Na zijn dood hertrouwt zijn weduwe Mechteld Jansen Muller met Waander Derksen Herink. Hun dochter Dersken Herink (1750-1807) neemt de pacht over. Na een kort eerste huwelijk hertrouwt ze in 1786 met de uit Warnsveld ingevlogen Harmen Aalderink (1758-1826). Hun zoon Hendrik (1794-1876) zal de pacht overnemen. Op enig moment na 1832, mogelijk in 1843, kopen de Aalderinks de boerderij van Reesink. Hij gaat van zoon op zoon totdat de familie in 1960 er voor zichzelf een nieuw huis naast bouwt. De oude boerderij wordt eerst verhuurd, later verkocht.


De veld- en straatnaam Russer

De veldnaam De Russer
Russer is (ook) de naam van het gebied achter het rijtje Hietcoles langs de ZE-weg. Jan Russer sr was er eigenaar van menig perceel. Voldoende om de naam te verklaren. Ook Jan Russer jr bezit er grond.

De Russerdijk / Russerweg
De Russerdijk is verdwenen. Het begin ervan wordt tot op heden gemarkeerd door een dikke paal in een beukenhaag langs de ZE-weg, zo’n 15 meter ten noorden van de huidige Russerweg. Deze Russerdijk vormde destijds de toegangsweg tot kasteel Holthuizen.


    De Russerweg in Toldijk (eigen foto)



De betonnen paal die het begin van de vroegere Russerdijk markeert (foto: Bertus Rietberg)


Met het overlijden in 1841 van Jan Russer jr verdween de familienaam uit Toldijk. Maar als je door Toldijk rijdt, zou je dat niet zeggen.
Dankzij een paar vrouwelijke nazaten zijn er echter wel wat Russergenen achtergebleven.

Met dank aan Bertus Rietberg

Een deel van deze tekst verscheen in 2025 in het OTGB en De Zwerfsteen verspreid over twee artikelen: De naam Russer in Toldijk, en Hoe Russer uit Toldijk verdwijnt

Genealogische noot

Overzicht van mijn afstamming van de Russers
Waander Russer                        1744 Elsken Garrits Evers
Jan Russer                                 1779 x Johanna Jansen Revelman
Elsken Russer                            1810 x Steven Pennekamp
Johanna Pennekamp               1842 x Teunis Garritsen Hartman
Tonia Johanna Hartman          1868 x Arend Gerhard Garritsen
Harmen Garritsen                   1906 x Aleida Berendina ten Broek
Marinus Garritsen                   1939 x Gerrie Busser
Alice Garritsen

Bronnen:
Erfgoedcentrum Achterhoek en Liemers (ECAL)
Gelders Archief
www.cbgfamilienamen.nl
www.wiewaswie.nl


Geen opmerkingen: